Nick aan het werk bij Loof
Bij Loof Catering vond Nick, na een moeilijke periode en met steun van jobcoach Rob Tuinman en collega Giso, een werkplek die echt bij hem past, waar hij stap voor stap bouwt aan meer werkritme, zelfvertrouwen en een duurzame plek op de werkvloer.
Stap voor stap groeien in werk en vertrouwen
Bij Loof Catering aan de Pampuslaan in Weesp begint de dag vroeg. Vanuit de productiekeuken worden dagelijks zo’n 2.000 tot 2.500 lunches voorbereid voor bedrijven als Tony’s Chocolonely en The Ocean Cleanup. Terwijl brood wordt gesneden, spreads worden gemaakt en de eerste voorbereidingen voor de levering op gang komen, is Nick vanaf zeven uur al aan het werk. Sinds eind oktober bouwt hij daar rustig maar zichtbaar aan zijn plek op de werkvloer.
Loof, dat eerder opereerde onder de naam Catering van het Land, werkt vanuit een duidelijke visie: maaltijden worden opgebouwd vanuit groente en bereid voor organisaties die bewust kiezen voor goed eten en een manier van werken die past bij hun waarden. In de keuken werken ongeveer acht mensen, daarnaast zijn er collega’s op kantoor en zo’n dertig medewerkers op verschillende locaties in kantines. Het is een groeiende organisatie met een platte structuur, waarin ruimte is voor inbreng van medewerkers en veel aandacht is voor samenwerking.
Die aandacht geldt ook voor mensen die extra steun kunnen gebruiken op weg naar werk. Voor Loof hoort dat nadrukkelijk bij de manier van werken: niet alleen goed eten maken, maar ook kansen creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en zo bijdragen aan inclusiviteit en duurzame werkgelegenheid. In het meerjarenbeleidsplan 2025–2028 heeft Loof dat SROI-beleid verder uitgewerkt en verankerd; vanuit die lijn werkt het bedrijf al jaren samen met onder meer Cordaan en de gemeente Amsterdam, en investeert mede-eigenaar Bruck Goede ook zelf in goede begeleiding op de werkvloer, onder meer via de HARRIE-training.
In die omgeving vond Nick een werkplek die goed bij hem past. Voordat Nick bij Loof begon, lag er een lastige periode achter hem. Door depressieve klachten bracht hij lange tijd veel thuis door, vaak vooral in bed. Later probeerde hij de draad weer op te pakken: hij maakte school af en onderzocht of hij kon doorstuderen, maar dat bleek uiteindelijk niet de juiste route. Toen hij daarna opnieuw thuis kwam te zitten, kwam hij via de gemeente in contact met begeleiding. Van daaruit groeide langzaam weer ruimte voor een volgende stap: werk. Via het buurteam kwam hij in contact met Rob Tuinman, jobcoach jongeren bij de gemeente Amsterdam. Samen verkenden ze welke omgeving goed zou aansluiten: overzichtelijk werk, beperkte uren om mee te starten, geen onverwacht klantcontact en een plek waar hij zich veilig en prettig kon voelen.
Dat bleek minder eenvoudig dan het misschien klinkt. In de zoektocht naar passend werk zijn verschillende mogelijkheden verkend, maar pas toen Loof in beeld kwam, viel er veel op zijn plek. De kennismaking verliep prettig, de proefdag ook, en daarmee ontstond het vertrouwen dat hier de voorwaarden aanwezig waren om rustig op te bouwen. Dat Loof op loopafstand ligt voor Nick als ‘Weesper’, is natuurlijk helemaal mooi meegenomen!
Rob begeleidde dat traject vanaf het begin. “Mijn rol is om een brug te slaan tussen de werknemer, de werkgever en eventuele andere betrokkenen,” zegt hij. “In het begin lag de focus op vertrouwen opbouwen en ontdekken wat voor werk bij Nick paste.” Volgens hem dacht Loof opvallend goed mee over wat haalbaar was. “Ook de beperkte werktijden in de startfase zijn voor veel werkgevers een uitdaging. Loof heeft uitstekend meegedacht in hun werkprocessen en in de manier waarop zij Nick hierin een plaats konden geven.”
Rustig opbouwen in een drukke keuken
Nick begon bij Loof met twee ochtenden van drie uur per week. Inmiddels werkt hij vier ochtenden. Die groei is bewust stap voor stap gegaan. Voor hem is het belangrijk om werk rustig uit te breiden en goed te blijven kijken naar wat haalbaar is, zodat hij een ritme opbouwt dat niet alleen prettig voelt, maar ook vol te houden is. Nick heeft elke dag hoofdpijn, een vorm van migraine die gedurende de dag eigenlijk steeds pijnlijker wordt, het is daarom belangrijk dat hij vroeg in de ochtend start.
Dat sluit goed aan bij de praktijk van Loof. De piek ligt in de ochtend, wanneer de keuken op volle toeren draait en de bestellingen worden klaargemaakt voor transport. Júist in dat ritme kon Nick een duidelijke rol krijgen. Hij begint de dag met brood snijden, spreads en dips maken en helpt daarna mee waar dat nodig is. Zelf vertelt hij dat hij zich gaandeweg steeds vertrouwder is gaan voelen in de keuken en in het werktempo dat daarbij hoort.
Giso, kok bij Loof en Nicks directe collega op de werkvloer, is voor hem het eerste aanspreekpunt. “Op dinsdag, woensdag en donderdag werkt Nick vrijwel geheel zelfstandig,” vertelt hij. “Dan hebben we een aantal keer op de dag een kort gesprekje. Dat kan over werkzaamheden gaan, maar ook over voetbal bijvoorbeeld.” Op vrijdag werken ze intensiever samen en draait Nick meer mee in de keuken. “Dan stelt hij veel vragen en probeert hij steeds beter te begrijpen hoe het proces in elkaar zit.” Dat typeert ook hoe Nick volgens zijn collega’s werkt: aandachtig, precies en leergierig. Hij neemt de tijd om dingen goed te doen en laat zich niet snel uit het veld slaan als iets nieuw is. Juist die houding maakt dat hij in korte tijd een vaste plek heeft gekregen in het ochtendritme van de keuken.
Een werkplek waar ontwikkeling zichtbaar wordt
Volgens Giso zit Nicks kracht in zijn oog voor detail en betrouwbaarheid. “Ik zie een zeer nauwkeurige, secure werknemer,” zegt hij. “Hij is nooit te laat en werkt erg taakgericht.” Maar minstens zo belangrijk is de ontwikkeling die daarnaast zichtbaar is geworden. “Wij hebben een heel verlegen, onzekere jongen bij de start zien binnenlopen,” zegt Giso. “Hij maakt grote stappen in zijn persoonlijke, mentale en professionele ontwikkeling.”
Die vooruitgang zit volgens hem niet alleen in het werk zelf, maar ook in de manier waarop Nick zich beweegt op de werkvloer. Hij maakt makkelijker contact en durft meer vragen te stellen. Dat ziet Rob ook. “Sinds de start van het traject zie ik dat Nick veel zelfverzekerder is geworden,” zegt hij. “Hij durft nu meer initiatief te nemen, heeft zich op sociaal gebied enorm verbeterd en heeft een betere balans gevonden tussen werk en privé.”
Nick ervaart zelf vooral dat hij bij Loof op zijn plek zit. Het contact met collega’s speelt daarin een grote rol. Juist de sfeer op de werkvloer en het gevoel dat hij onderdeel is van het team maken dat hij hier met plezier naartoe gaat. Op de vraag wat hij het leukste vindt aan zijn werk, is zijn antwoord dan ook eenvoudig en veelzeggend: “Werken met mijn collega’s.”
Wat het vraagt van collega’s
Bij Loof kijken ze niet alleen naar wat Nick nodig heeft, maar ook naar wat dat vraagt van de mensen om hem heen. “De verschillende uitdagingen die ik merk zijn de communicatie,” zegt Giso. “Het kost soms moeite om dingen uit te leggen. Wij moeten dus goed letten op ons taalgebruik.” Die afstemming vraagt aandacht, merkt hij, maar levert ook iets op: “Ik leer eenvoudiger en duidelijker communiceren en beter begrijpen waarom sommige dingen lastiger zijn voor anderen.” Volgens Rob raakt dat aan de kern van goed werkgeverschap. Een passende werkplek gaat niet alleen over taken of uren, maar ook over de bereidheid om als organisatie mee te bewegen. “Zorg voor een werkomgeving waarin iemand zich welkom en veilig voelt,” zegt hij. “Wees duidelijk in je verwachtingen en investeer in goede communicatie.”
Juist daarin onderscheidt Loof zich volgens hem. Er is ruimte om te kijken wat iemand nodig heeft, zonder dat alles meteen vastligt of snel moet. Dat geeft medewerkers de kans om in hun eigen tempo te groeien, en dat maakt de kans op een duurzame match groter.
Een plek die klopt
Dat het goed zit tussen Nick en Loof, blijkt uit de manier waarop hij zijn werk oppakt. Uit het vertrouwen dat groeit. En uit momenten waarop hij uit zichzelf nét iets extra’s doet. Giso herinnert zich een ochtend waarop ze er samen voor stonden door afwezigheid van anderen. “Nick kwam die dag 45 minuten eerder op werk aan om te ondersteunen bij verschillende taken die moesten gebeuren,” vertelt hij. “Die proactieve actie hielp mij niet alleen heel erg. Het toont ook veel over zijn intrinsiek aardige karakter.”
Voor Rob is het een bevestiging van wat er kan ontstaan als alle puzzelstukken goed vallen. “De persoonlijke benadering en het écht oog hebben voor en meedenken in wat een medewerker nodig heeft, zijn elementen waarin Loof uitblinkt en zorgt voor een duurzame match,” zegt hij. Zijn eigen rol verschuift daardoor langzaam naar de achtergrond. “Ik blijf beschikbaar voor coaching en ondersteuning,” zegt Rob. “Maar ik geef Nick en Loof steeds meer ruimte om zelf stappen te zetten.”
Voor Nick is vooral van belang dat hij werk heeft waar hij graag naartoe gaat, collega’s om zich heen heeft bij wie hij zich prettig voelt en een ritme heeft gevonden dat bij hem past. En misschien is dat precies waar dit verhaal over gaat: dat passend werk vaak begint met een plek die goed voelt, mensen die met je meedenken en de ruimte om in je eigen tempo verder te komen.